woensdag 15 augustus 2012

waardenvol onderwijs: best zuur

Op de site van een school worden regelmatig waarden vermeld. Waarden die als kernwaarde worden omschreven, of waarden in de categorie 'waarden en normen'.
De bedoeling is waarschijnlijk om in een paar woorden het wezen van de school te beschrijven, en dat kan op die manier ook heel goed. Als de waarden tenminste ook echte kernwaarden zijn: ze zijn terug te vinden in alles wat je doet en bepalen de geur en smaak van de hele organisatie.

Goed gekozen en geformuleerde kernwaarden maken snel duidelijk aan een ieder wat je van deze school mag verwachten. Dat voorkomt verwarring bij mensen die voor deze organisatie kiezen: je weet direct waar je op mag rekenen.
Als ik bij een school als kernwaarde bijvoorbeeld 'eigenwijs' zie, dan weet ik dat ik er op moet rekenen dat ik zo nu en dan de discussie met mensen aan zal moeten gaan. Ik weet ook dat ik mijn eigen mening mag hebben en dat er ruimte zal zijn om eigen keuzes te maken. Wanneer je als leerkracht bij zo'n school solliciteert, dan weet je dat je vooral ook je eigen mening naar voren kunt brengen in de sollicitatieprocedure. Wanneer ik als ouder mijn kind daar aanmeldt, dan reken ik er op dat mijn kind de ruimte krijgt om de dingen op zijn eigen manier te doen.

Psychologisch werkt het ook zo dat ik, na het zien van zo'n kernwaarde, op zoek ga naar de bevestiging van die kernwaarde. Omdat ons brein nou eenmaal vrij lui is, lukt mij dat vrij snel en stap ik voor het gemak ook over de situaties heen waarin die eigenwijsheid niet naar voren komt.

Daar zit dan ook meteen wel het risico van zo'n kernwaarde. Als het uitsluitend cosmetisch is, dan zullen mensen na verloop van tijd toch teleurgesteld raken. Ouders gaan klagen en personeelsleden raken ontevreden en ongemotiveerd.
Als de kernwaarde een sticker is die we met elkaar goed over vinden komen, maar die de lading niet echt dekt, dan wordt het een bron van irritatie.

Tegelijkertijd: als die kernwaarde echt de geur en smaak van de organisatie beschrijft, dan blijft het psychologisch effect aanwezig: hij wordt voortdurend herkend en ook ervaren. Dat maakt de school lekker herkenbaar en duidelijk.

merkwaarden vs categoriewaarden

Goed beschreven kernwaarden zijn daarmee ook meteen merkwaarden: ze definiëren het 'merk' en dus de identiteit van de school. Dat is per definitie iets anders dan een waarde die op gaat voor de hele categorie.
Sommige waarden gelden voor iedere organisatie die zichzelf als school presenteert. Uiteraard zijn dat heel belangrijke waarden. Zo belangrijk zelfs dat de inspectie ze bij iedere school komt onderzoeken en beoordelen bijvoorbeeld.

Het valt mij op dat er scholen zijn die vooral categoriewaarden gebruiken om de school te omschrijven. In principe worden daarmee louter open deuren ingetrapt. Wanneer ik als ouder op zoek ga naar een school voor mijn kind, dan ga ik er vanzelfsprekend van uit dat die school voldoet aan alle kenmerken van een school.

Vergelijk het met een zoektocht naar een nieuwe auto. Als ik mij ga oriënteren op een nieuwe auto en ik kom een nieuw merk tegen, dan ga ik er van uit dat ook dat nieuwe merk gewoon voldoet aan alle veiligheidseisen van de Nederlandse overheid op dat gebied. Als ik dan op de website van dat merk vooral geïnformeerd wordt over het feit dat ze aan al die eisen voldoen, dat je er mee kunt rijden, dat er mensen in kunnen zitten, dat je er mee kunt remmen en dat hij van binnen droog blijft bij regenachtig weer, dan hoor ik op zich niets anders dan ik al verwachtte.
Toch is het effect van deze informatie, dat ik me zorgen ga maken. Als je zoveel aandacht besteed aan dit soort voordehand liggende zaken, dan is het waarschijnlijk niet zo'n goede auto. De kans dat ik over ga tot de aanschaf van die auto is erg klein.

Soms kom ik scholen tegen die vertellen dat ze Passend Onderwijs bieden, in een veilige context, met goede opbrengsten, gedifferentieerd onderwijsaanbod door gediplomeerde medewerkers die aandacht besteden aan de kinderen.
Elk van deze elementen is een voorbeeld van een categoriewaarde: het is een waarde die van toepassing is op elke school. Stel je voor dat je een school aan zou treffen waar dit niet op van toepassing zou zijn!

Merkwaarden geven niet alleen een duidelijke verwachting bij anderen, ze geven ook een heldere richting aan de eigen medewerkers. Zulke kernwaarden kan je dan ook makkelijk gebruiken als een checklist bij een lesobservatie of bij een functioneringsgesprek.

merkwaardig

Gedrag dat in lijn is met die merkwaarden is dus merkwaardig gedrag. Soms kan dat natuurlijk ook tot grappige situaties leiden, vooral wanneer je ziet dat een medewerker van een organisatie gedrag vertoont dat niet merkwaardig is. Een medewerker van Apple die een Samsung telefoon gebruikt bijvoorbeeld; Een medewerker van Centraal Beheer in Apeldoorn die niet eens een telefoon heeft; Een Iphone in een Nokia reclame campagne; Een juf die niet van kinderen houdt of de servicemedewerker van RedBull die zegt: 'Ik kan niet vliegen!'


zondag 28 augustus 2011

Citroenzuur leiderschap (2)

over de overeenkomst tussen Geert Wilders, Henk Krol, Toon Hermans en Chantal Janzen...

Goed leiderschap kan het best bekeken worden vanuit de betekenis van de school. In een eerdere blog staat omschreven dat het daarbij gaat om voorbeeldgedrag dat gericht is op anderen.

Leiderschap in het onderwijs wordt vaak toegedicht aan de schoolleider. Hoe groot zou de betekenis van de school worden wanneer leiderschap te vinden is bij alle betrokkenen bij de school?


de betekenis bepaalt de kwaliteit

Binnen Cutting Lemons gaan we er van uit dat iedere school een eigen betekenis heeft. Die betekenis kan je ontdekken door antwoord te geven op de vraag: wat zou de buurt, stad of misschien zelfs het land missen als de school per direct de deuren zou sluiten. Ik zou iedere school van harte willen aanraden om die vraag eens goed te onderzoeken, samen met de leerlingen en hun ouders. De betekenis van de school heeft betrekking op de transformatie die leerlingen (en andere betrokkenen) ondergaan en de invloed die dat heeft op hun omgeving.

De ideale Cutting Lemons betekenis is: Je kent jezelf, wordt steeds beter jezelf, bent je bewust van jouw invloed op je omgeving en oefent die invloed gericht uit. Omdat iedere school zich op een eigen 'categorie' leerlingen richt en een eigen context heeft kan iedere school ook concreet maken welke invloed van de school uitgaat.

Goed leiderschap is direct gericht op die betekenis. Het voorbeeldgedrag is dus ook het gedrag dat past bij de situatie na of in ieder geval tijdens de transformatie. De schoolleider zal dat gedrag in ieder geval moeten vertonen, maar de betekenis wordt groter naarmate meer mensen dat gedrag vertonen. De betekenis bepaald dan ook of het leiderschapsgedrag goed is of niet. Je kunt dus niet zomaar iedere directeur op iedere school neerzetten en er van uitgaan dat hij of zij de gewenste kwaliteit levert. Iedere school heeft namelijk een eigen definitie van kwaliteit.

Ik denk dat elk van ons wel een voorbeeld kent van een directeur die op de ene school uitstekend functioneert en op een andere school helemaal niet uit de verf komt. In deze blog van Hartger Wassink wordt dat fenomeen uitgebreid besproken.

Je zou dan ook van iedere professionele schoolleider mogen verwachten dat hij of zij in staat is de eigen kernwaarden en de persoonlijke betekenis te benoemen. Op grond daarvan kan je inschatten of de schoolleider de betekenis van een school kan versterken.

de kwantiteit bepaalt de betekenis

Zodra de kwaliteit van het leiderschap op orde is kan de school toenemen in betekenis door leiderschap uit te breiden. Hoe meer mensen het gedrag gaan vertonen dat past bij de situatie na de transformatie, hoe groter de invloed op de omgeving.

Vanuit de druk van de groep is het op zich niet zo moeilijk om kinderen te conditioneren en hen, in die geconditioneerde omgeving, het gewenste gedrag te laten vertonen. Een leerkracht kan bijvoorbeeld in heel korte tijd een groep dusdanig 'manipuleren' dat die groep zich gedraagt zoals de leerkracht wil. Dat gedrag wordt vertoont onder druk van de omgeving, niet omdat het uit de leerlingen zelf komt.

Hoewel dat erg effectief lijkt (en heel soms ook kan zijn) is het effect op de lange termijn eerder schadelijk dan gewenst. In die situatie is in ieder geval geen sprake van leiderschap, omdat het gedrag van de leerkracht op zichzelf gericht is en niet op de kinderen.

Leiderschap bij een leerkracht houdt in dat zij op basis van zelfinzicht voorbeeldgedrag vertoont dat gericht is op het belang van de leerlingen (en de collega of de ouder). Zoals een schoolleider op dezelfde manier voorbeeldgedrag vertoont dat gericht is op de leerkracht (of de leerling of de ouders). Die leerkracht vertoont dat gedrag niet omdat de directeur dat toevallig ook doet, maar omdat zij samen geloven dat dat het beste voor de leerlingen is.

Op die manier wordt de leerling versterkt, groeit hij in zelfinzicht en kan hij gedrag gaan vertonen dat gericht is op anderen: medeleerlingen, buurtgenoten en andere gezinsleden.

Wanneer we er van uitgaan dat leiderschap besmettelijk kan zijn dan is de school een ideale plek om een epidemie te starten. Een olievlek van leiderschap, die zich steeds verder uitbreidt.

Geconditioneerde kinderen vertonen het gewenste gedrag alleen in een bepaalde omgeving. Kinderen die leiderschap ontwikkeld hebben vertonen dat gedrag in alle omstandigheden. Geconditioneerde kinderen zijn altijd afhankelijk van de invloed van de omgeving. Kinderen die leiderschap hebben ontwikkeld hebben altijd invloed op hun omgeving. Die kinderen kunnen dus ook actief bijdragen aan de betekenis van de school, zelfs als ze niet (meer) op school zijn.

hoe zuurder hoe beter


Terug naar de metafoor van de citroen. Één druppel citroensap maakt verschil in een heel gerecht. Andere smaken komen meer tot hun recht en de ingrediënten worden beter geconserveerd. Hoe zuurder die ene druppel is, hoe groter het effect.

Het is van het grootste belang dat jouw leiderschap in alle facetten de kwaliteit heeft die past bij de betekenis van jouw school. Reken er op dat ieder onderdeel van jouw leiderschap in uitvergrootte vorm terug te zien is in het gedrag van (veel) leerlingen.

Zo was er in 1975 een leerkracht in Venlo die wat teleurgesteld was in de mensen om haar heen; haar vertrouwen was een aantal keer behoorlijk beschaamd. Ze keek het liefst eerst de kat uit de boom en was wantrouwend richting mensen die ze niet (goed) kende. Op de MAVO waar ze lesgaf gaf ze zichzelf helemaal voor de leerlingen en de leerlingen zagen in haar een voorbeeld figuur. Het St. Thomas College heeft een aantal bekende Nederlanders afgeleverd. Één daarvan is Geert Wilders...

Ik vraag me af of Toon Hermans, Chantal Janzen en Henk Krol dezelfde leerkrachten hebben gehad als hun schoolgenoot Geert. Ik vraag me ook af of die leerkrachten allemaal bijdroegen aan dezelfde betekenis.

Welk verschil maak jij? Welk verschil maken jouw leerlingen?


zondag 21 augustus 2011

Citroenzuur leiderschap

Leiderschap is met afstand de meest gehoorde term in management-land. Ook in het onderwijs lijkt de term veel aandacht te krijgen. De komende periode verschijnt hier een aantal blogs over leiderschap. Gewoon, omdat integraal en waardengedreven onderwijs niet zonder leiderschap kan.

De betekenis van onderwijs

Het is mijn overtuiging dat de voornaamste betekenis van het onderwijs gelegen is in het mensen laten ontdekken van, geloven in en werken vanuit hun eigen kracht. Daarmee draagt het onderwijs duurzaam bij aan de ontwikkeling van de maatschappij. Het voorziet de maatschappij van creativiteit, inventiviteit, verandervermogen, continuïteit en leiderschap.

Het maakt niet uit hoe oud je bent: op het moment dat je je eigen kracht kent, serieus neemt en van daaruit werkt dan blijf je je ontwikkelen. Dat is onvermijdelijk. Onderwijs is, vanuit dat perspectief, dus niet gericht op onderwijzen. Veel meer op leren, maar het meest nog op het verkrijgen van zelf-inzicht. Zelf-inzicht is namelijk de sleutel tot ontwikkeling en leren.

De rol van leiderschap: voorbeeldgedrag

Voor mij is leiderschap vooral gelegen in twee zaken. Het eerste is het vertonen van voorbeeldgedrag. Het is al lange tijd bekend dat onze woorden maar een heel klein deel uitmaken van hetgeen we communiceren. Zeker bij jonge kinderen, die nog veel minder op taal gericht zijn dan volwassenen, is onze lichaamstaal en ons gedrag veel belangrijker. Bij volwassenen is dat ook nog altijd een veel groter deel van onze communicatie dan we geneigd zijn te denken.



Wanneer je als school echt wilt weten welke waarden je uitdraagt, is het het meest effectief om te kijken naar het gedrag van de leerlingen. Dat is doorgaans een rechtstreekse afspiegeling van het gedrag dat wij vertonen.

Als zelf-inzicht de sleutel tot leren is, dan zal dus het voorbeeldgedrag van iedereen in de school moeten getuigen van dat zelf-inzicht. Kinderen krijgen daardoor niet te maken met leerkrachten die op pedagogisch en didactisch gebied alles goed doen, maar met mensen die zichzelf kennen, zichzelf zijn en van daaruit op pedagogisch en didactisch gebied het beste leveren dat zij hebben te bieden. Dat klinkt misschien als een nuance verschil maar het maakt voor de kinderen een wereld van verschil.

Iedere betrokkene bij de school zal laten zien dat hij of zij bezig is zichzelf steeds beter te leren kennen om van daaruit het verschil te maken. Leiderschap kan zich dan ook niet beperken tot een taak of rol van de schoolleider. Het is iets dat door alle medewerkers, maar ook door de leerlingen, ouders en andere betrokkenen voortdurend in de praktijk gebracht wordt.

de rol van leiderschap: gericht op anderen

In een eerdere blog vertelde ik al dat het onderwijs verlamd wordt door de gedachte dat het op de toekomstgericht is. Wat mij betreft is onderwijs voor het heden al uiterst relevant.

Leiderschap richt zich dus ook niet op de toekomst van de leerlingen: het leert ze om nu al het verschil te maken. Dat is meteen het tweede aspect van leiderschap: het is gericht op anderen.

Hoewel het begint bij jezelf is het er op gericht om een ander te dienen. Het is er niet op gericht om de ander te onderwijzen of de ander klein te houden. Op die manier zou je namelijk op voorhand al de boodschap afgeven dat je niet echt gelooft in de kracht van die ander.

Het lijkt soms zo makkelijk om iemand te vertellen wat hij moet doen, maar de achterliggende boodschap is, zeker in het onderwijs waar kinderen nog druk doende zijn om hun referentiekader op te bouwen, verlammend. De kunst is om je leerling zo te ondersteunen dat hij of zij de ruimte krijgt om te ontdekken wie hij is en van daaruit te besluiten hoe hij van betekenis wil zijn.

Omdat geen leerkracht gelijk is, gebeurt dat per definitie op verschillende manieren. Wel altijd in hetzelfde proces: vanuit de eigen kracht gericht op de ander. Ook altijd met dezelfde intentie: die ander heeft een enorme kracht. En ook altijd met dezelfde betekenis: jij (met alles wie je bent en wat je hebt) maakt het verschil.

De betekenis van leiderschap in het onderwijs


Stel je eens voor dat elk van de dertig kinderen die jij morgen weer in je groep voor je hebt overtuigt raakt van zijn eigen waarde. Dat zij zichzelf ook echt kent en van daaruit het verschil gaat maken. Op school, thuis, in de buurt, op de sportvereniging of in de kerk. Dertig mobiele bronnen van inspiratie. Dertig authentieke mensen die gericht zijn op een ander, omdat ze in die ander geloven.

Voel je de kracht die daarvan uitgaat? En dat allemaal omdat jij jezelf kent en vanuit jouw kracht in die dertig kinderen gelooft.

Cutting LEMONS heeft een nog mooier perspectief: Stel je eens voor dat elke leerkracht dat kan. Hoeveel kinderen kunnen dan al gericht het verschil maken? Hoe zou de maatschappij er dan uit zien? Een druppel citroensap versterkt alle smaken in een gerecht en wij geloven dat elke smaak er toe doet.

Er is geen sector in Nederland die zoveel betekenis heeft voor de Nederlandse maatschappij. Ik daag jou uit om leiderschap te tonen en het verschil te maken. Waarom vandaag niet?

dinsdag 2 augustus 2011

onderwijs huisvesting: hoe zuur is jouw school?

Huisvesting is vaak een onderwerp dat pas aan de orde komt als het meerjaren onderhoudsplan wordt opgesteld of als er sprake is van nieuwbouw. Exploitatie is in de praktijk vaak een gegeven. Toch speelt huisvesting een belangrijke rol in het uitdragen van de identiteit van de school. Vaak is het gebouw het enige dat buurtbewoners zien van de school en de vraag is welk beeld daarmee ontstaat.

Cutting LEMONS is gericht op het integraal werken vanuit de identiteit van de school. Die identiteit brengt een aantal kernwaarden met zich mee die in alles wat de school doet en is merkbaar zijn. Van daar uit wordt consequent en gericht gewerkt aan de betekenis van de school. Met het schoolgebouw en de manier waarop het onderhouden wordt en er gebruik van wordt gemaakt communiceert de school die kernwaarden. Zoals gezegd is dat vaak de belangrijkste beeldbepaler voor de directe omgeving.

wat zie je?

Zo roepen alle onderstaande schoolgebouwen direct een eerste beeld op dat betrekking heeft op het soort onderwijs dat er wordt aangeboden.


Ieder gebouw verteld je iets over hoe en waarvoor het wordt gebruikt. Het zal niet moeilijk zijn om de dorpsschool en de school uit de industrie-stad er uit te halen. Ook de school die naar buiten gericht is en waar creativiteit van kinderen wordt gewaardeerd is goed te herkennen. Daar tegenover staat de school die meer status en naar binnen gericht is.

Wat ervaar je?

De verwarring ontstaat op het moment dat de school rechts boven in haar onderwijs de kinderen juist leert om extravert te zijn en open en onbevangen de wereld in te kijken. Of als de school links boven zich profileert als een elitaire school, waarbij de uitstroomcijfers vooral van belang zijn. Of als de school links onder een islamitische basisschool blijkt te zijn.

Op zo'n moment past het beeld dat het gebouw oproept niet meer bij de inhoud van het onderwijs. Een ouder heeft zich een beeld gevormd van de school op basis van het gebouw, en zodra zij de school in loopt blijkt dat beeld niet te kloppen. Die ouder raakt in verwarring. Het is alsof je een citroen krijgt met een sinaasappel schil. Die wordt uiteindelijk door niemand gegeten.

Uit onderzoek blijkt dat verwarring onherroepelijk leidt tot afhaken. Het menselijk brein blokkeert zodra we iets niet kunnen combineren. En zodra ons brein blokkeert, vertrouwen we het niet meer.

In het gunstigste geval melden deze ouders hun kind niet aan en kiezen ze voor een andere school. In een minder gunstig geval melden ze hun kind wel aan, maar blijven ze verward en wantrouwend. Dat zijn de ouders, en daarmee vaak ook de kinderen, waar je als school veel werk aan hebt. Ze zullen namelijk uiting blijven geven aan hun wantrouwen.

zuur van binnen? zuur van buiten!

Je kunt je voorstellen dat een school met meerdere locaties, waarbij de uitstraling van beide locaties erg verschilt, doorgaans moeite zal hebben wanneer kinderen van de ene naar de andere locatie worden overgeplaatst. Zo kan het ook gebeuren dat een school veel investeert in het gebouw en vervolgens merkt dat het aantal aanmeldingen terug loopt. Doorgaans is verwarring en het daar op volgende wantrouwen de onderliggende reden.

Merk je op jouw school dat ouders moeite hebben om de school te vertrouwen? Is jouw school van binnen en buiten op dezelfde manier herkenbaar? Is jouw gebouw in lijn met de onderwijsinhoud? Hoe zuur is jouw gebouw? Cutting LEMONS!

zaterdag 25 juni 2011

Wat heb je betekend vandaag?

Tegenwoordig is iedere school bezig met ontwikkeling. De ene school wil het het onderwijs ontwikkelen, de ander de organisatie en een derde wil vooral het leren ontwikkelen.
Er zijn scholen die die ontwikkeling starten met een concreet beeld van de gewenste ontwikkeling. Daar worden in het gunstigste geval ook concrete doelen aan gekoppeld, waarop gestuurd en bewaakt kan worden. Heb je ooit wel eens bedacht welke concrete betekenis de school zal krijgen als gevolg van de ingezette ontwikkeling?


Ik kom regelmatig op scholen waar het ontwikkelproces, of soms zelfs het veranderproces, moeizaam verloopt. Mensen hebben moeite om zich aan de gemaakte afspraken te houden en het gewenste gedrag wordt maar mondjesmaat vertoond. Dat geeft vaak spanning.

moeite met veranderen

Op mijn vraag naar de reden van die moeite hoor ik vaak het antwoord dat mensen veranderen moeilijk vinden. Ik blijf mijn twijfels houden bij die stelling. Volgens mij vinden mensen verandering namelijk heel gewoon. In ons dagelijks leven doen we niet anders. Ons gedrag veranderd door de tijden heen, maar ook de dingen die we belangrijk vinden, net als de dingen die we willen. Die verandering gaat zo gemakkelijk dat we hem zelf vaak niet eens opmerken.

Als tegenargument hoor ik dan vaak dat dat kleine veranderingen zijn en dat de verandering op school ingrijpender is. Vandaar dat mensen moeite met die verandering zouden hebben.

Ook die stelling waag ik te betwijfelen. Veel mensen veranderen van auto bijvoorbeeld. Of van computer. Dat kunnen ingrijpende veranderingen zijn. Toch merk ik maar zelden dat mensen die verandering oncomfortabel zouden vinden. Sterker nog: die verandering wordt doorgaans bewust opgezocht.

moeite met borgen

Gelukkig zijn er ook genoeg scholen waar het ontwikkelproces goed verloopt. De doelen worden gehaald, het gewenste gedrag wordt vertoond en het proces verloopt keurig volgens planning. Niets aan de hand zou je denken.

Tot je na een paar jaar weer op zo'n school komt en ontdekt dat de school weer in 'oude gewoontes' is vervallen. Van het destijds gewenste gedrag is weinig meer terug te vinden en de doelen van het ontwikkelproces zijn vergeten.

Hierbij is gebrek aan aandacht het meest gehoorde argument. Tijdens het ontwikkelproces waren we met elkaar gericht op het bereiken van die doelen, maar daarna zijn we ons op andere dingen gaan richten. Zouden mensen veranderen dan toch moeilijk vinden?

Als ik kijk naar de parallel met het veranderen van auto, dan hoor ik maar zelden dat mensen na een jaar hun oude auto weer terug kopen, of toch maar weer terug gaan naar hun oude computer. De enige reden die ik daarvoor zou kunnen bedenken is wanneer je je auto of computer van de hand moest doen, maar dat eigenlijk niet wilde. Als de omstandigheden dan veranderen kan je je oorspronkelijke droom weer oppakken en terugkeren naar datgene wat voor jou het hoogste goed is.

zicht op betekenis

In de parallel met een auto of computer is het van belang om te kijken naar de betekenis van zo'n apparaat. Is een auto bedoeld om nuttig te zijn of biedt hij meer dan dat? Mensen die een dure sportauto rijden of een oldtimer kennen een andere betekenis aan een auto toe dan mensen die gewoon een praktische auto met vijf zitplaatsen zoeken. Zo'n sportauto of oldtimer biedt je namelijk een heel ander aanzien, een heel andere rijbeleving en vaak ook een heel ander gevoel op. Het doet iets met je op het moment dat je de eigenaar van zo'n auto bent, zelfs als je er niet in rijdt.

Iemand die een auto met zo'n betekenis heeft zal hem niet zomaar van de hand doen. Hooguit voor een auto met dezelfde betekenis, maar waarschijnlijk uitsluitend voor een auto met een nog sterkere betekenis.

Bij veranderingen op school is het goed om met elkaar vast te stellen welke betekenis de school op dit moment heeft en de vraag te stellen welk betekenis je zou willen hebben. Welke impact heb je op het leven van jouw leerlingen? En op het leven van hun ouders? En op welke manier werkt die impact door in de maatschappij?

Dit lijken eenvoudige vragen, maar ze zijn meestal niet even snel te beantwoorden. Dat vergt onderzoek, gesprek en overdenking. Maar zodra je ze echt hebt beantwoord ontstaat een compleet nieuw perspectief. Er ontstaat ook een duidelijk argument voor of tegen bepaalde ontwikkeling.

Wanneer je bijvoorbeeld met elkaar er op gericht bent om kinderen in hun kracht te zetten, vanuit zelf-acceptatie en respect voor de ander, omdat je gelooft dat elk van die kinderen op een positieve manier het verschil zal maken in zijn directe omgeving, dan kun je op basis daarvan bepalen welke ontwikkeling gewenst is en welke niet.

Voor leerkrachten en leerlingen is het dan ook evident dat die ontwikkeling gewenst is: op die manier kan je namelijk nog verder toenemen in betekenis. Afscheid nemen van het oude gedrag is dan opeens helemaal niet meer zo moeilijk, omdat je weet wat het nieuwe gedrag je zal opleveren.

Vanuit die betekenis is borging van de ontwikkeling ook helemaal niet moeilijk. Het valt opeens in dezelfde categorie als de man die zijn Porsche heeft ingeruild voor een Ferrari. Hij ervaart de nog sterkere betekenis van die auto en verlangt echt niet meer terug naar zijn vorige auto.

Cutting LEMONS werkt altijd vanuit het perspectief op betekenis. Omdat wij geloven dat scholen het verschil kunnen maken: betekenisvol onderwijs zorgt voor een maatschappij waarin mensen in harmonie met zichzelf en hun omgeving leven. Wij gunnen elke school, elke leerkracht, directeur, ouder en leerling dat perspectief en dat gevoel van betekenis.

Of vergelijk je je school liever met een doorsnee auto met 237 zitplaatsen?

maandag 13 juni 2011

Krachtige scholen: het antwoord aan onderwijsinspectie.

Een jaar geleden volgde ik een masterclass bij Jay Marino. Hij leerde ons een andere manier van opbrengstgericht onderwijs kennen die in de VS bekend staat als Continuous Improvement. Een indrukwekkende manier van werken, waarbij mij het eigenaarschap van leerlingen als voornaamste punt opviel. Daarnaast vond ik het een verademing om een methode tegen te komen die leerlingen en leerkrachten, groepen en scholen op dezelfde manier benaderd. Lekker integraal dus met bewezen resultaat.

In het jaar daarna heb ik met een aantal scholen mogen werken aan de invoering van (delen van) dit concept. Keer op keer was ik onder de indruk als ik de enorme verbetering in de resultaten van leerlingen en leerkrachten zag. Kinderen die in hun kracht komen te staan, leerkrachten die in hun kracht komen te staan en van de weeromstuit ook ouders die in hun kracht komen te staan.

Resultaat

Continuous Improvement is een concept waarbij je je iets voorneemt en dat ook daadwerkelijk realiseert. Dat klinkt op zich niet heel spannend, maar dat is het wel. Hoe vaak neemt een school zich niet voor om meer aandacht aan rekenen te besteden? In de praktijk houdt dat vaak in dat een nieuwe methode wordt aangeschaft en dat er op vergaderingen over rekenen wordt gesproken. Soms wordt er zelfs een studiedag aan gewijd.

Maar wat gebeurt er wanneer je je voorneemt om de resultaten van kinderen op het gebied van rekenen schoolbreed met 10% te verhogen? Vaak weten we niet hoe we dat moeten meten. De uitkomsten van de CITO LVS-toetsen zijn dan al snel een verrassing.

Continuous Improvement zorgt er dus voor dat je datgene wat je je voorneemt ook echt realiseert. Beter gezegd: dat de kinderen dat realiseren. Ik heb voorbeelden gezien van scholen die in drie maanden tijd een verbetering van ruim 20% haalden. Alleen omdat je je voornemen serieus neemt, deelt met iedereen en ook gericht bezig bent met dat voorgenomen resultaat.

Voor kinderen vaak een verademing: ze weten wat er van ze wordt verwacht en ze zien van week tot week hun eigen voortgang. Kinderen uit groep twee praten op meta-niveau over hun eigen leerproces en kunnen daarover ook rapporteren aan hun ouders, mede-leerlingen en de leerkracht.

Verantwoordelijkheid

Omdat je op deze manier je voornemen ook echt omzet in resultaat, wordt het steeds belangrijker wat je je voorneemt.

Simon Sinek heeft daarvoor een eenvoudig en diepgaand model ontwikkeld: de Gouden Cirkel. Daarin legt hij uit dat het van groot belang is dat je als organisatie duidelijk maakt Waartoe je de dingen doet die je doet. Veel scholen vertellen uitgebreid Hoe ze de dingen doen. Daarbij wordt soms ook nog wel uitgelegd Wat het resultaat is van wat ze doen, maar vrijwel nooit wordt aandacht besteed aan de vraag Waartoe een school doet wat zij doet.

Kinderen die weten Waartoe ze leren wat ze leren, leerkrachten die weten welk verschil ze uiteindelijk willen maken, zullen veel gerichter presteren. De school die een duidelijke belofte doet aan kinderen, medewerkers, ouders en de omgeving, kan met Continuous Improvement dat verschil ook echt gaan maken. Sterker nog, die scholen maken dat verschil ook echt.

Kan jij je voorstellen dat jouw school een bijdrage levert aan het terugdringen van het aantal geweldsincidenten in de buurt? Of dat jouw school een bijdrage levert aan het verbeteren van de sociale samenhang in de buurt? Of dat jouw school direct bijdraagt aan het verbeteren van de kennis economie? Of dat jouw school bekend staat omdat zij direct bijdraagt aan de ontwikkeling van nieuwe technieken?

Welke invloed neem jij?

Scholen, leerkrachten en leerlingen die hun eigen invloed serieus nemen, kunnen die invloed heel concreet maken en gericht ontwikkelen met Continuous Improvement. Zonder de lading van die belofte is Continuous Improvement de zoveelste poging om de onderwijsinspectie tevreden te stellen. Met de lading van een scherpe belofte is het een serieus en scherp instrument om de maatschappij te verbeteren en de positie van Nederland als kennisland te versterken.

Welke invloed neem jij? Neem je jouw potentie en die van jouw leerlingen serieus? Of wil je je blijven richten op een (boven)gemiddelde opbrengst om de inspectie buiten de deur te houden?

zondag 5 juni 2011

De zuurgraad van onderwijs financiën

Geld is een belangrijk onderwerp in het onderwijs. Zeker de laatste jaren zijn er volop berichten van scholen die financieel in zwaar weer raken. Door het hele land wordt gevoeld dat er pogingen worden ondernomen om met minder mensen dezelfde kwaliteit te leveren. Niet omdat dat bij de visie van die school past, maar omdat de geldstroom opdroogt.

Wat moet je anders als je je eigen broek moet ophouden en de overheid de geldkraan langzaam dicht draait?


Een jaar geleden beschreef de AOB al dat het financieel beleid van scholen zwak is. Het valt me op dat er wordt gezegd dat besturen de neiging hebben om aan begrotingsbewaking van jaar tot jaar te doen in plaats van meerjarenbegrotingen op te stellen.


Nu ben ik geen financieel expert dus doorzie ik de fijne nuances van dit soort opmerkingen lang niet altijd voldoende. Ik denk wel dat ik me voor kan stellen dat het beter is om vooruit te denken en te plannen, dan gewoon ieder jaar opnieuw de hand op de knip te houden. Ik denk eerlijk gezegd dat iedere bestuurder dat ook wel weet. VOS-ABB heeft niet voor niets een meerjarenbegrotingstool ontwikkeld. Op veel scholen kom ik die spreadsheet, of afgeleide vormen daarvan, tegen.

De vraag is of een meerjarenbegroting helpt om je te wapenen tegen de opdrogende geldstroom. De tools die ik tot op heden heb gezien doen dat in ieder geval niet of nauwelijks: we weten namelijk niet hoe snel de kraan dicht gaat.

Wat die meerjarenbegrotingen doorgaans ook niet doen is duidelijk maken wat nou echt belangrijk is voor de scholen. Het lijkt er op dat het segment financiën in de grote onderwijs citroen zich helemaal niet stoort aan het feit dat het onderdeel is van een citroen (zie ook een eerder artikel hierover).

Stel dat de overheid nog minder middelen beschikbaar maakt voor het onderwijs. Hoe bepaal je als school dan welke uitgaven in ieder geval gedaan moeten worden? Welke keuzes zullen gemaakt worden ongeacht de hoeveelheid beschikbare middelen? Welke kernwaarden zullen ALTIJD gehandhaafd blijven, los van wat de overheid ook doet, vraagt of dicteert?

Een school die vooral gelooft in de kracht van een kleine, hechte groep kinderen waarbinnen relaties sterk zijn en steeds verder worden ontwikkeld, zal nooit accepteren dat kinderen verdwijnen in een groep van 34. Alle creativiteit zal er op gericht zijn dat die kleine hechte groep de basis van al het leren blijft. Liever zal zo'n school onderwijsassistenten en andere 'goedkopere' medewerkers in zetten, dan dat ze met uitsluitend 'dure' leerkrachten zullen gaan werken.

Een school die vooral gelooft in de kracht van instructie en de directe invloed van de leerkracht zal ten alle tijde blijven investeren in het onderwijzend personeel. Als zo'n school met minder middelen moet gaan werken, dan ligt het voor de hand dat de school de leerkrachten in gaat zetten voor het verlenen van extra en betaalde diensten. De zomerschool, de woensdagmiddag lessen of de weekendinstructie. Wat de overheid ook doet: de leerkracht blijft speerpunt.

Zo kan je je ook voorstellen dat een school die vooral gelooft in het belang van een gezonde geest in een gezond lichaam in zal blijven zetten op het aanbieden van sportieve werkvormen. Het kan maar zo gebeuren dat zo'n school er voor kiest om samen te werken met een ROC en/of BSO om te komen tot extra aanbod dat buiten schooltijd op commerciële basis wordt aangeboden. Dat levert extra inkomsten op en is helemaal in lijn met de wens van de ouders: die hebben tenslotte gekozen voor een school die echt werkt maakt van 'Anima Sana in Corpore Sano'.

In het artikel van de AOB wordt geklaagd dat sommige besturen geld oppotten, zonder te weten waartoe. Andere besturen worden verrast door bezuinigingen en komen in de knoei, omdat ze hun prioriteiten niet duidelijk hebben.

In de praktijk zie ik te vaak gebeuren dat scholen en besturen er voor kiezen om bij de inzet van hun geld vooral te denken vanuit de traditie (zo deden we het altijd) en de regels vanuit Zoetermeer.

Zou het niet heerlijk werken wanneer je, ook op het gebied van financiën, gewoon weet wat je wilt? Dat je gewoon weet wat je aan jezelf verplicht bent? Op dat moment hoef je niet aan de hand van Zoetermeer te lopen. Je hoeft ook niet vast te blijven houden aan tradities die niet bijdragen aan datgene wat jij belangrijk vindt.

Ik ben er van overtuigd dat onderwijsfinanciën vooral veel ruimte zouden moeten bieden. Daar waar het als knellend wordt ervaren heeft dat doorgaans meer te maken met de houding van de school te maken, dan met het langzaam dichtdraaien van de overheids geldkraan.

Wees toch vooral zuur, ook met de financiën. Met je geld laat je namelijk écht zien wat je belangrijk vindt. Met Cutting LEMONS kan je de zuurgraad van je financiële huishouding onderzoeken, op weg naar integrale en waardengedreven schoolontwikkeling.